vrijdag 15 mei 2015

MARS (DRIE MAAL). WAT IS DAT?


EEN ZELFDE NAAM VOOR MEERDERE OBJECTEN.


PLANEET MARS. (1)

Mars is onze naaste buitenplaneet; gemiddelde afstand tot de zon 228 miljoen kilometer; heeft een middellijn van 6.770 km, wat 0,53 is van de middellijn van de aarde. Het volume is 0,15 van die van de aarde; dichtheid 0,7 maal en massa 0,11 maal van die van de aarde. Mars draait in 24 uur, 37 minuten en 23 seconden om zijn as, wat de 'Marsdag' wordt genoemd.
De planneet volbrengt in 687 dagen zijn loop om de zon en bezit twee manen, Phobos en Deimos ieder met een middellijn van ongeveer 10 km.
Deimos draait in 30 en Phobos in 8 uur om Mars.
Het oppervlakte van Mars vertoont vlekken wat als zeeƫn wordt gezien. De planeet kent jaargetijden en een dampkring met zeer weinig zuurstof. De temperatuur ligt grotendeels beneden het vriespunt en kan maximaal 10 graden Celcius warm worden.

DE GOD MARS. (2)

Mars was de oorlogsgod van de Romeinen, overeenkomend met de Griekse oorlogsgod Ares.

MARS VAN EEN ZEILSCHIP. (3)

Dit is een platform rond de top van de ondermast; het diende om aan het stengewant de nodige spreiding of spatting en steun te geven.
De mars werd ook gebruikt als uitkijk en als werkplatform voor de marsgasten die in de tuigage werkten.
Op oorlogsschepen werden er de scherpschutters in geplaatst.
Een deel van het lopend want werd vanaf de mars bediend.



( Mars van zeilschip met houten masten.)

Verklaring van de cijfers:
1. - Grootstengestag.
2. - Blok voor neerhalen stengestagzeil.
3. - Talreep.
4. - Puttingwant.
5. - Middelstag.
6. - Blok voor neerhalen grootstengestagzeil.
7. - Blok voor toppeneind.
8. - Voorstag.
9. - Kettingborg

Een mars steunde op twee langszalings die aan weerszijden van de mast op kaken steunden.
Op de rand van de mars werden de nodige gaten voor het puttingwant aangebracht.
De oudste marsen waren niets anders dan een korf (mars of marskramer; ook wel het kraaiennest genoemd) die op de top van de mast werd geplaatst als observatie- en gevechtspost. De korf werd gaande weg vervangen door een houten bouwsel met ronde vloer en opstaande rand of verschansing.
In het begin van de 18e eeuw werd de ronde mars vervangen door een halfronde met rechte achterrand. De borstwering bleef slechts op de achterrand bestaan. Ze bestond uit zeildoek of een net.



                                   ( De mars bij een zeilschip met stalen masten en ra's.)

In de 19e eeuw werd de mars steeds kleiner en soms vervangen door een ijzeren gestel dat voor het grootste deel open was. Ze dient nog als drager voor de hangerblokken van de laadbomen.


MARSGAST.


                                      ( Marsgasten hier staande op de paarden onder de ra.)

Een marsgast is een graad van een bevaren matroos op een zeilschip. Deze stond direct onder het bevel van de bootsman, maar was de meerdere van de gewone bevaren matrozen.
Marsgasten werkten in de mars en waren verantwoordelijk voor het daar gebruikte touwwerk.
Zij leidden ook het op- en aftuigen van de masten, het reven, aan- en afslaan van de zeilen. 
Iedere mast werd bediend door meerdere marsgasten.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen