maandag 24 november 2014

GRACHTENPANDENGEVELS VAN AMSTERDAM. (DEEL 3)

DE GEVELS VAN DE GRACHTENPANDEN. [2]

HALSGEVELS. (1640-1775).

De eerste halsgevel welke in Amsterdam werd gebouwd was een ontwerp van Philip Vingboons.
De halsgevel behoort tot het Hollands classicisme en is typisch Amsterdams..
De halsgevel is ontstaan uit de trapgevel en wordt gekenmerkt door twee hoeken van 90 graden. welke worden opgevuld met zandstenen klauwstukken.






De halsgevel wordt gekenmerkt door zijn versieringen. De klauwstukken zijn vaak voorzien van bloemen en fruit motieven evenals het fronton boven op de hals van de gevel.
De klauwstukken werden verder versierd met pinakels, voorstellende een vaas eb rond de hijsbalk werd vaal een cartouche aangebracht.
Sommige gevels werden versierd rond de vensters met slingers van bloemen of fruit, de zogenaamde festoenen.
Later werden er menselijke figuren uit de mythologie aan toegevoegd. Bij sommige panden kon het niet gek genoeg zijn.




DE VERHOOGDE HALSGEVEL. (1640-1670).

De verhoogde halsgevel wordt ook wel gezien als een overgang van een trapgevel naar de halsgevel.
Het is ook een product van de Hollandse classicisme welke haar bloeiperiode kende in de periode van 1640 tot 1670.
Het aantal treden is beperkt tot twee.
Ook deze gevel heeft aan beide zijden twee hoeken van 90 graden welke zijn opgevuld met zandstenen klauwstukken.
De 17e eeuwse verhoogde halsgevel herkent men vaak aan het driehoekige fronton op de top.


Opvallend hier is dat naast het bovenste raam of luik dikwijls  de zogenaamde 'oeils-de-boeuf'
( koeienogen) zijn aangebracht.
Vaak zij de gevels voorzien van pilasters, een platte zuil die op de voorgevel iets vooruitsteekt naast de vensters en een constructieve functie heeft. Deze pilaster werden vaak versierd met Dorische, Ionische of Korintische elementen. De verhoogde halsgevels zijn slecht een korte periode gebouwd vergeleken met de gewone halsgevels.


                                         ( Een halsgevel en verhoogde halsgevel naast elkaar.)

DE KLOKGEVELS. (1660-1790).

De klokgevel wordt ook wel de 'ingezwenkte halsgevel' genoemd. Het is de overgang van de druk bewerkte halsgevel onder de invloed van het sobere classicisme. 
Aan de klokgevel ontbreken dus de hoeken van 90 graden.
We onderscheiden twee soorten van klokgevels; de gevel met de klokvorm met ronde naar binnen gebogen zijden en de gevel waarvan de zijden bijna recht recht zijn.





Een ander verschil is de afwerking van de de bovenzijde. Bij de een is deze afgerond en de andere is deze recht.
De klokgevel is ontstaan uit de halsgevel door de klauwstukken in het zelfde materiaal uit te voeren als de rest van de gevel. Dit gebeurde onder de invloed van het sobere classicisme waarin de vlakke gevel aan populariteit wint.
In de 18e eeuw zijn de de klokgevels hoger en minder eenvoudig dan in de 17e eeuw. De zwenking wordt minder sterker en soms zwenkt de holle lijn boven weer even naar buiten.
De klokgevels uit de 18e eeuw zijn een stuk hoger en werd vaak afgewerkt met zandstenen aanzetstukken en een kuif in de Lodewijk XV-stijl. 
Klokgevels in de Lodewijk XIV- en XV- stijlen worden ook vaak bekroond met een siervaas.



In de 19e eeuw treedt de versobering van de klokgevelachtige vorm en zien ze er uit als verminkte toppen.


VERHOOGDE LIJSTGEVELS. (1700-1775).

Voor het uit het zicht houden van het puntdak is bij gewone huizen een een topgevel nodig, omdat de nok van het dak loodrecht op de gracht staat.
Bij de verhoogde lijstgevel wordt de kroonlijst omhoog gebogen om het puntdak aan het oog te onttrekken.










Tevens werd dit ook gedaan om ruimte te kamen voor een vlieringluik waardoor men gemakkelijker bij de hijsbalk kon komen.
Bij het aanbrengen van deze verhoogde lijstgevels plaatste men vaak sierlijke consoles als ondersteuning.

( Op de linker afbeelding gaat achte de verhoogde lijstgevel een 'Mansarde kap' schuil, want een dak in een geknikte vorm en vernoemd is naar de Franse architect Mansarde. Toegepast einde 19e eeuw.)



Een andere vorm van een verhoogde lijstgevel is de open balustrade met een gesloten midden verhoging waarin vaak een soort gevelsteen wordt afgebeeld (boven een wijnvat).
Men kende zes verschillende lijstgevel soorten:
1: De kleine halfcirkelvormige verhoging.
2: Een trapezium verhoging.
3: Attiek of attiekvormige versiering bovenop de halfcirkelvormige verhoging
4: De open balustrade met gesloten midden verhoging.
5: De topgevelachtige verhoging
6: Een sterk getoogde lijst.

LIJSTGEVELS IN DE VERDERE PERIODE.

Lijstgevels werden in de 17e en 18e eeuw, maar vooral in de 19e eeuw gebouwd.  
Na rond 1790 werden er geen tuit-, hals-, en klokgevels meer gebouwd. Er treedt een duidelijke versobering op in de archtectuur.
Het fraaie en zeer drukke beeldhouwwerk, waar het gilde van de steenhouwers voor zorgde, blijft op de geveltoppen achterwege.
De vaak nog ronde ramen in de verhoging tussen de consoles worden rechthoekig. 


PILASTERGEVELS.(1640-1770).

Een pilaster is een platte zuil, die op de voorgevel iets uitsteekt. Deze zuil kan zowel een decoratieve als een constructieve funktie hebben.

Pilastergevels kwamen vooral voor in de periode van 1640 tot 1660.
Het was vaak een overgang van de trapgevel naar de halsgevel.
Door de pilasters kwamen de vensters in verdiepte nissen te liggen.
Ook bij de bij van dubbele huizen of drie huizen onder één dak met een gezamenlijke gevel werden de pilaster steunen toegepast.
Deze woonhuizen met hun brede gevel werden aan de dakrand meestal opgesierd met een 'Timpaan', een driehoekige versiering aan de top.



HET SMALSTE GEVELTJE VAN AMSTERDAM.


Aan de Herengracht ligt weggedrukt tussen twee woonhuizen het smalste geveltje van Amsterdam. Zowaar het pandje zelfs nog twee verdiepingen.

BEELDHOUWWERK SIERENDE GEVELTOPPEN.

Er geen stad elders op de wereld met zoveel beeldhouwwerk in de gevels als in Amsterdam.
Naast gevelversieringen als frontons in verschillende uitvoeringen, festoenen, gebeeldhouwde raampjes, etc etc, treffen we vooral in de geveltoppen veel beeldhouwwerk aan. Dit beeldhouwwerk is gemaakt van zandsteen.
De meeste halsgevels hebben fraaie klauwstukken versierd met menselijke- of dierlijke figuren. De lijstgevels worden vaak beëindigd door een kroonlijst met daarop een attiek met beeldhouwwerk. Het is "openbaar kunstbezit".
Buiten het beeldhouwwerk zijn vaak veel gevels gesierd met een fraaie gevelsteen, wat vaak het visitekaartje is van de bewoner en te zien wat voor ambacht hij uitoefent.

Amsterdam verkennen doe je met het liedje van Sammy in je achterhoofd: "Hoog Sammy kijk omhoog Sammy", want dan zie je pas Amsterdam. 

( Zie vervolg; Grachtenpandengevels van Amsterdam. deel 4.  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen