vrijdag 17 januari 2014

MITRA S.S. SHELL TANKERS B.V. (DEEL 1-C)

S.S. MITRA.

10 SEPTEMBER 1977 T/M 19 FEBRUARI 1978.


Met rustig weer staken we de Stille Oceaan over om weer via Singapore naar de Arabische Golf te varen en daar weer te gaan laden voor wederom Los Angeles.


Zo passeerden we het uit de Tweede Wereld Oorlog het zo beruchte eiland Iwo Jima waar de Amerikanen de Japanners versloegen in de strijd om de Stille Oceaan. Duizenden lieten hier hun leven.


In de avond hadden we vaak prachtige momenten van een zonsondergang op zee, 


wat vaak ook een mooie weerspiegeling gaf in de ramen van de accommodatie.
Intussen vierden we ook de Kerstdagen en de jaarwisseling aan boord samen met onze Indonesische bemanning. Het jaar 1977 was en 1978 kwam er aan vol verrassingen. 


Het dagelijks werk ging gewoon zijn gangetje en speciale reparaties of onderhoud werden in een werkboek genoteerd. Zo ook het verbruik van onderdelen zodat dit later bijgewerkt kon worden. Met wat koppen uit kranten en tijdschriften werd het werkboek wat verfraaid!

Tijdens een nachtwacht ging onverwachts het bilgealarm, wat betekende dat er ergens water lekte in de machinekamer. Volgens de assistent van de wacht had hij net het vlak droog gepompt tijdens zijn ronde, maar vond dat er wel veel water op stond. Zo werd er gezocht naar de oorzaak van het alarm en waar dit water dan vandaan mocht komen.


 Het was even schrikken toen we van onder de verflaag van de inlaat van de hoofdcondensor water zagen spuiten. Gelijk werd de hoofdwerktuigkundige uit zijn bed gebeld en de scheepsbrug in kennis gesteld van de situatie in de machinekamer. Het water werd intussen overboord gepompt en werd er besloten de voortstuwing installatie te stoppen en te gaan drijven.


Zodra het mogelijk was werd de hoofdcirculatiepomp voor de toevoer van het water naar de hoofdcondensor gestopt en werden al de buitenboord afsluiters dicht gedraaid. Hierna durfden we pas de verf weg te krabben om te constateren hoe groot de lekkage zou blijken te zijn.
Het bleek een scheur te zijn van 1,4 meter lengte en op sommige plaatsen vielen er gaten zo groot dat je er een hand kon insteken. Oorzaak vermoedelijk slijtage en trillingen.  Hiermee verder varen was onmogelijk en zo rees de vraag hoe gaan we dit repareren om een veilige haven te kunnen bereiken.


Terwijl er druk radio verkeer tussen schip en wal op gang kwam werd door de technische dienst de noodreparatie besproken. De chefkok werd uit zijn bed gehaald en kreeg de opdracht van twee halve varkens de huid met zoveel mogelijk spek af te snijden. Deze enorme lappen werden doormidden van touwen over de scheur en de gaten in de leiding vast gebonden en geheel omwikkeld met stroken canvas welke weer omwikkeld werden met de teerachtige verf voor de binnenwanden van de condensor en touw.Tussen de strengen touw werd de minst mogelijke ruimte open gelaten.
Intussen werden er lege smeerolie drummen van 200 liter in stukken gesneden en werden er stukken pijp om maat gesneden om een stellig te bouwen. Op deze stelling stevig vast gelast op het machinekamer vlak werd dan met de stukken van de drummen een bak gelast die precies om de leiding paste met de noodreparatie. 
Deze bak werd uiteindelijk volgestort met cement waaraan caustic soda was toegevoegd voor een snelle harding.
Na een halve dag wachten werden voorzichtig de overboord afsluiters geopend en zowaar er lekte geen water naar binnen. Hierna werd de hoofdcirculatiepomp weer gestart en alles bleef dicht. Maar voor hoelang?


Intussen had men aan de wal ook niet stil gezeten en kregen we opdracht om voorzichtig op te stomen naar Singapore waar op de rede experts aan boor zouden komen om de schade op te nemen en hoe verder te gaan.
Te Singapore werd de leiding bekeken vanuit de binnenkant van de condensor. Er werd besloten om onze noodreparatie te verwijderen en het geheel met een speciale onderwater coating te dichten.
Voor het verwijderen van ons cementstortwerk kwam wel enig zwaar gereedschap aan te pas en toen het materiaal wat door ons was aangebracht was verwijderd bleek het nog erger te zijn geworden.
Een nieuw koelwater inlaatstuk voor de condensor was niet leverbaar en het leveren en maken ervan zou maanden in beslag nemen. Zo werd alles gedicht met het speciale materiaal dat de reparatie ploeg van de scheepswerf had meegebracht. Vertrouwen had men er niet in het alleen zo te laten zitten en werd er besloten het geheel in de beton te storten. Zo verschenen er scheepjes langszij met grind, zand, cement en een betonmolen. Verder een ploeg bekisting makers. Bouwvakkers op zee!

Met een bom vast stuk beton in de machinekamer vervolgden we onze weg naar de Arabische Golf.

( Het schip zou uiteindelijk half 1978 zo naar de sloop gaan.) 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen