vrijdag 11 oktober 2013

ONDINA S.S. SHELL TANKERS B.V. (DEEL 1)

S.S. ONDINA. 

22 AUGUSTUS 1968 T/M 16 FEBRUARI 1969.


Het s.s.Ondina (2) werd in 1961 opgeleverd bij de Rotterdamse Droogdok Maatschappij met de roepnaam PGNB. Met haar 53.291 BRT was het voor die tijd een groot schip.
Het was niet alleen haar tonnage, maar vooral haar uiterlijk met de revolutionaire afgeronde opbouw van het midden- en achterschip, en vooral de twee ranke schoorstenen.
Het schip deed dienst tot 1986 waarna het werd gesloopt.

Zodra je het middenschip betreed wordt je gelijk geconfronteerd met de geschiedenis van haar voorgangster de Ondina (1) door een bronzen gedenkplaat. Deze gedenkplaat werd op 8 november 1948 te Rotterdam door Z.K.H. Prins Bernhard onthuld.


EVEN TERUG IN DE TIJD! 



Het schip gebouwd in 1939 bij de NDSM in Amsterdam met als voortstuwing een 6 cilinder Werkspoormotor, werd in 1959 gesloopt. Het had de roepletters PGNC was in die tijd eigendom van de n.v. Petroleum Maatschappij La Corona en werd bekend door de slag in de Indische Oceaan tegen de marine van de Japanse Keizer in 1942.

De Japanners waren  in 1942 niet bijzonder enthousiast over de aanwezigheid van Duitse onderzeeërs en hulpkruisers in de Indische Oceaan, die zij als hun operatieterrein beschouwden. Zij zonden derhalve een aantal onderzeeërs naar dit gebied, ondersteund door twee hulpkruisers, de 'Aikoku Maru' en de ' Hokoku Maru'.
Deze twee hulpkruisers, elk zwaar bewapend met 4 tot 6 kanonnen van 5½ inch, een torpedolanceerinrichting, luchtdoelgeschut en totaal drie of vier vliegtuigen ( af te schieten met een catapult), waren op 11 november 1942 ongeveer 500 mijl zuidwest van het Christmas eiland. Om 11.25 uur werd door de Corona-tanker 'Ondina' en de begeleidende Brits-Indische mijnenveger 'Bengal' de nadering van de twee kruisers waargenomen, waarop alarm werd gegeven.
De 'Ondina' en de 'Bengal' hadden elk één kanon (van 10½ en 7½ cm.) en enig luchtafweer geschut. De 'Ondina' was onderweg van Fremantle naar Abadan en vervoerde behalve de brandstof voor het escorteschip (waterverplaatsing 743 ton) ongeveer 240 ton graan in een ruim, bestemd voor Abadan.


Als wordt bedacht dat de 'Ondina' slechts 6341 BRT mat en een vaart liep van ongeveer 10½ mijl, kan man zich een voorstelling vormen van de ongelijke strijd die wachtte. Immers de beide hulpkruisers waren niet alleen zwaar bewapend, maar hadden een bruto-tonnage van ruim 10.000 ton en haalden een snelheid van 18 mijl per uur.
Ofschoon de 'Bengal' naar de 'Ondina' seinde zich uit de voeten te maken, bleef het schip haar koers behouden. Om 11.54 uur verbrak de 'Bengal' de kiellinie en draaide achter de Nederlandse tanker om, de vijand tegemoet.


Nadat de 'Hokoku Maru' het vuur had geopend, beantwoorde de 'Ondina' dit, waarbij twee treffers werden geplaatst, een in het voorschip en een in het achterschip van de Japanner. Ook de 'Bengal' had inmiddels het vuur op dit schip geopend, waarop inmiddels een felle brand uitbrak.
Nadat de 'Bengal' door het tweede Japanse schip was getroffen was de 'Ondina' aan de beurt, waarbij enkele voltreffers. Omstreeks 12.45 uur waren de beide schepen door hun munitie heen en trachten door het leggen van een rookgordijn te ontsnappen hetgeen mislukte. De gazagvoerder gaf de 55 opvarenden opdracht het schip te verlaten en werd daarbij staande op de brug dodelijk getroffen.


De Japanse hulpkruiser 'Hokoku Maru'was nu gezonken met het voorschip recht omhoog; de overblijvende kruiser lanceerde daarop nog twee torpedo's op de 'Ondina', die beide doel troffen. Omstreeks 13.45 uur verwijderde de 'Bengal' zich van het strijdtoneel, mede mogelijk omdat de overblijvende kruiser op de plaats waar de 'Hokoku Maru' met vermoedelijk de divisie-commandant aan boord, was verdwenen, naar drenkelingen zocht. 

Nadat de tweede kruiser ook het strijdtoneel had verlaten, ervan overtuigd zijnde dat het achtergebleven 'Ondina' ten dode was gedoemd, roeiden de overlevenden terug naar het schip. Zij slaagden erin door verpompen het schip weer recht te krijgen. De machines bleken bovendien intakt, terwijl de brand in het voortussendek, waar het graan lag opgeslagen, kon worden geblust.
Het schip wist op eigen kracht op 18 november Fremantle weer te bereiken.

(Gegevens uit 'Shell Tankers van Koninklijke afkomst'.)

Deze 'Terugblik' om even stil te staan bij het feit, daar waar weinig aandacht aan wordt besteed bij herdenkingen, het enorme aantal koopvaardij mensen die in beide Wereldoorlogen om het leven zijn gekomen op zee. Zonder hun inzet, om met militair materieel de oceaan over te steken, of met voeding etc, was er nooit een einde aan deze oorlogen gekomen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen